Orthosomnia: waarom té veel met je slaap bezig zijn niet helpt

Wat is orthosomnia en hoe herken je het?
Gepubliceerd 17 april 2026
oudere vrouw checkt sleeptracker
Beeld Getty Images
Goed slapen is belangrijk: dat merk je meteen als je een nacht slecht hebt geslapen. Misschien let je daarom extra op je bedtijden of houd je je slaap bij met een app of horloge. Maar wat als je daar juist onrustig van wordt? En je merkt dat je steeds meer met je slaap bezig bent, zonder dat je nachten beter worden? Daar is een naam voor: orthosomnia. Wat houdt het in, en hoe herken je het?

Na sleepmaxxing – het optimaliseren van je slaap met allerlei tips en hulpmiddelen – duikt er een nieuw woord op: orthosomnia. Het klinkt medisch, maar wat betekent het precies? En moet je je zorgen maken als je graag goed wilt slapen?

Wat is orthosomnia?

Orthosomnia betekent letterlijk: ‘juist slapen’. Het woord is afgeleid van het Griekse ortho (recht of correct) en somnia (slaap). Het verwijst naar de drang om je slaap zo perfect mogelijk te maken. Dat klinkt misschien gezond, maar bij orthosomnia slaat die drang door. Je bent voortdurend bezig met je slaapkwaliteit, bijvoorbeeld via een smartwatch of app, en raakt gestrest als de cijfers tegenvallen.

Waar komt de term vandaan?

De term orthosomnia werd in 2017 geïntroduceerd in een Amerikaanse studie. Zij zagen in hun praktijk dat mensen steeds vaker met slaapproblemen kwamen die juist verergerd werden door het gebruik van slaaptrackers. Patiënten vertrouwden meer op de data van hun apparaat dan op hoe ze zich voelden. Zelfs als ze zich redelijk uitgerust voelden, maakten ‘slechte scores’ hen ongerust. De term is afgeleid van het woord ‘orthorexia’: een eetstoornis waarbij er sprake is van een ongezonde fixatie op gezond eten.

Is het een officiële diagnose?

Orthosomnia is (nog) geen erkende medische aandoening. Je vindt het niet terug in officiële handboeken zoals de DSM. Toch nemen slaapdeskundigen de vrij nieuwe slaapstoornis serieus. Het wordt gezien als een vorm van ongezond gedrag rond slaap, dat kan leiden tot slapeloosheid.

Hoe ontstaat het?

Orthosomnia ontstaat vaak geleidelijk. Je begint bijvoorbeeld met een app of horloge om je slaap te verbeteren. Dat kan nuttig zijn, maar het kan ook omslaan in controle. Bijvoorbeeld: 

  • Je checkt elke ochtend obsessief je slaapscore. 
  • Je past je gedrag steeds aan om ‘betere cijfers’ te halen. 
  • Je wordt onrustig als je denkt dat je niet goed slaapt. 

De constante focus op ‘goed moeten slapen’ zorgt juist voor spanning. En spanning kun je juist niet gebruiken als je een goede nachtrust wilt hebben. 

Wat merk je ervan?

Herken je jezelf hierin? Dan kun je last hebben van orthosomnia: 

  • Je maakt je veel zorgen over je slaap.
  • Je vertrouwt meer op je slaaptracker dan op je eigen gevoel.
  • Je ligt wakker omdat je bang bent niet goed te slapen. 
  • Je past je hele avondroutine aan om ‘perfect’ te slapen.
  • Je voelt je overdag slechter als je slaapscore laag is (zelfs als je je eigenlijk best oké voelt).

Waarom werkt het averechts?

Slaap is geen prestatie die je kunt afdwingen. Hoe meer druk je erop legt, hoe moeilijker het vaak wordt. Als je te veel bezig bent met slapen, blijf je alert en gespannen. Je lichaam komt dan minder makkelijk in de ontspanning die nodig is om in slaap te vallen.

Wat kun je beter doen?

Goed slapen begint juist met loslaten. Dat betekent niet dat je niets hoeft te doen, maar wel dat je het niet moet overcontroleren. Hierbij een paar tips: 

  • Gebruik een slaaptracker als hulpmiddel, niet als oordeel. 
  • Kijk vooral naar hoe je je overdag voelt. 
  • Accepteer dat niet elke nacht perfect is. 
  • Houd een vaste, rustige avondroutine aan. 
  • Leg de nadruk op ontspanning in plaats van controle.

Kun je ook orthosomnia hebben zonder slaapgadgets?

Ja, dat kan zeker. Orthosomnia gaat niet alleen over apps of horloges, maar vooral over de drang om ‘perfect’ te slapen. Bijvoorbeeld als je jezelf oplegt dat je elke nacht per se acht uur móét slapen. Lukt dat een keer niet, dan kun je daar onrustig van worden of gaan piekeren. Juist die druk kan het inslapen moeilijker maken. Goed slapen is belangrijk, maar het hoeft niet elke nacht perfect te zijn om toch uitgerust wakker te worden.

Wanneer is het verstandig om hulp te zoeken?

Blijf je slecht slapen en maak je je daar veel zorgen over? Bespreek het dan met je huisarts. Zeker als je nachtenlang wakker ligt of overdag erg moe bent. Soms kan begeleiding, bijvoorbeeld via cognitieve gedragstherapie voor slapeloosheid (CGT-i), helpen om de vicieuze cirkel te doorbreken.

Bron PubMed