Wordt elektrisch rijden eindelijk écht aantrekkelijk?

Overheidssubsidie voor elektrisch rijden wordt vanaf 2030 afgeschaft
Auteur: |
Gepubliceerd 22 augustus 2026
Electrisch rijden, vrouw laadt haar ecar op
Beeld Getty Images

Het nieuws is nogal teleurstellend. Elektrisch rijden lijkt alleen interessant als je een goedkoop tweedehands model aanschaft, meer dan 10.000 kilometer per jaar rijdt en ’m thuis kunt opladen. We zetten de feiten op een rijtje.

Autorijden is de afgelopen jaren fors duurder geworden. Door overheidsbeleid en de economische ontwikkelingen en de veranderingen op de automarkt zelf, die vooral in het teken staan van een steeds groter aanbod van elektrische auto’s. Sta je voor de keuze een nieuwe auto aan te schaffen? Je kunt uit een ruim aanbod kiezen. Van volledig elektrisch (EV), benzine, mild hybride (HEV) tot plug-in hybride (PHEV). Met onderling grote verschillen in aanschafprijs, gebruikskosten, belasting en restwaarde. Dat maakt het soms lastig om te bepalen welke aandrijf- lijn nu en in de nabije toekomst de meest voordelige is op basis van de kosten van bezit en gebruik. Waar moet je op letten?

Langzaam betaalbaarder

Elektrische auto’s zijn in 2026 nog altijd duurder in aanschaf dan vergelijkbare benzinemodellen. Gaandeweg komt daar wel verandering in: dankzij de snelle ontwikkelingen op het gebied van accutechnologie dalen de kosten, het aanbod van tweedehands EV’s groeit, en autofabrikanten – niet alleen Chinese prijsvechters, maar ook de bekende Europese merken – brengen steeds meer compacte, betaalbare modellen op de markt. De aanschafprijzen van benzineauto’s en EV’s kruipen daardoor steeds meer naar elkaar toe

Daar staat tegenover dat EV’s een belangrijk voordeel ten opzichte van benzineauto’s verliezen: de overheidssubsidie (SEPP) wordt afgebouwd. In 2025 was er voor elektrische auto’s nog een korting van 75 procent op de motorrijtuigenbelasting (MRB). Die korting daalt in 2026 naar 25 procent, en wordt vanaf 2030 afgeschaft. Elektrische auto’s zijn over het algemeen zwaarder dan een vergelijkbare benzineauto, en de MRB wordt over het gewicht berekend. EV’s zullen dus een hogere MRB hebben. Benzine-, hybride- en plug-in hybrideauto’s betalen sowieso het volle tarief.

Aan de andere kant zijn de benzineprijzen de afgelopen maanden sterker gestegen, wat de vergelijking nu sneller in het voordeel van de elektrische auto doet uitslaan. 

Hogere afschrijving

Als we kijken naar de vaste autokosten, zien we dat EV’s sneller in waarde dalen dan benzineauto’s. Dat heeft alles te maken met snelle technologische ontwikkelingen: elke nieuwe generatie EV-modellen – en ze volgen elkaar in rap tempo op – heeft in principe een grotere actieradius, biedt betere laadtijden en een vaak gunstiger energieverbruik, waardoor oudere modellen sneller verouderen en minder waard worden. Daarnaast zorgt onzekerheid over de levensduur van accupakketten voor terughoudendheid bij tweedehandskopers, wat de restwaarde drukt. De exportmarkt voor tweedehands EV’s is bovendien beperkter dan voor benzineauto’s, omdat laadnetwerken en regelgeving in andere landen vaak minder ver zijn ontwikkeld.

Samen zorgen deze factoren ervoor dat de afschrijving op elektrische auto’s doorgaans hoger ligt dan op traditionele modellen, met als gevolg dat de totale gebruikskosten per kilometer van EV’s in veel gevallen zijn gestegen ten opzichte van eerdere jaren.

Duurdere verzekering

EV’s zijn duurder om te verzekeren. Terwijl de autoverzekeringspremies al sterk zijn gestegen door hogere ­reparatiekosten, de inflatie en een toename van het aantal dure schadeclaims, geldt voor EV’s dat die door hun vaak hogere aanschafwaarde de verzekeraar meer kosten bij schade-uitkeringen bij total loss of diefstal. Daarnaast zijn reparaties aan EV’s complexer en duurder: het vergt gespecialiseerde kennis, zeker bij schade aan het accupakket, wat snel kan leiden tot een totallossverklaring. Ook zijn onderdelen schaars en duurt schadeherstel vaak langer, wat extra kosten voor vervangend vervoer met zich meebrengt. Verzekeraars ­beschikken bovendien nog over relatief weinig langetermijndata over schadeafhandeling bij elektrische auto’s, waardoor ze extra marge inbouwen in de premie. Al deze factoren samen zorgen ervoor dat de premies voor elektrische auto’s sneller en sterker stijgen dan die van traditionele benzine- en hybridevoertuigen.

Vrouw laadt ecar op

Dát wel: EV’s zijn goedkoper in onderhoud

Als het gaat om de onderhoudskosten zijn EV’s weer in het voordeel. Elektrische auto’s zijn goedkoper in onder- houd dan benzine- en hybrideauto’s; ze hebben geen verbrandingsmotor, versnellingsbak of distributieriem, er hoeft geen olie te worden ververst en dankzij het regeneratief remmen (waarbij de elektromotor helpt af te remmen) slijten de remmen minder snel. Bovendien is het onderhoud aan elektrische aandrijflijnen eenvoudiger en minder arbeidsintensief. De energiekosten per kilometer voor elektrische auto’s liggen doorgaans lager dan voor benzine- en hybrideauto’s, vooral bij thuisladen. 

Ook al zijn de kosten voor elektriciteit gestegen, brandstof is nog altijd fors duurder per kilometer. De lagere kosten voor elektrische auto’s zijn te danken aan het efficiëntere energieverbruik en de lagere prijs per kWh elektriciteit ten opzichte van benzine. Bij thuisladen zijn de kosten per kWh lager dan bij openbare laadpalen, wat de kosten per kilometer verder verlaagt. Hybride auto’s combineren elektrische en conventionele aandrijving, wat resulteert in brandstofkosten die tussen die van volledig elektrische en benzineauto’s liggen.

Houd hier ook rekening mee

Natuurlijk hangt het van meer factoren af hoe duur een auto in het gebruik is. Rijstijl bijvoorbeeld. Wie van stevig doorrijden houdt, betaalt daarvoor de prijs, wie vaak een caravan of aanhanger achter de auto hangt ook. Persoonlijke voorkeuren en behoeften, zoals ruimte, trekvermogen of luxe spelen ook een rol. Net als hoeveel kilometer je per jaar rijdt, op welk type banden, in welk weer en over welk soort wegen. 

Waar je woont en werkt maakt ook uit; de MRB verschilt per provincie, net als de verzekeringspremies, en vergeet de parkeerkosten en -vergunningen niet. Houd ook rekening met de ontwikkelingen van de benzine- en energieprijzen, de beschikbaarheid van de laadinfrastructuur en met gewoonte (veel berijders van plug-in hybrides laden deze bijvoorbeeld nooit op en rijden dus nooit elektrisch, en daarmee verdwijnen de voordelen van zo’n auto als sneeuw voor de zon).

Conclusie

Wie zich niet louter laat leiden door de milieuvoordelen van elektrisch rijden, zal de overweging moeten maken of het de moeite waard is. Een jaar geleden kon je als vuistregel nog stellen dat een EV interessant is voor wie (veel) meer dan 10.000 km per jaar rijdt, liefst in een zo goedkoop mogelijke (tweedehands) EV en de auto thuis kan opladen (helemaal als er zonnepanelen aanwezig zijn).  Laden aan een openbare laadpaal kan natuurlijk ook, maar daar zijn de prijsverschillen groot en moet je dus goed opletten. 

En door de sterk gestegen brandstofprijzen zal dat omslagpunt nu vaker onder de 10.000 kilometer liggen.