Hoger pensioen vanaf de start? Dat kan nu al dankzij deze regelingen

Je hoeft niet tot 2029 te wachten op het bedrag ineens
Auteur: |
Gepubliceerd 25 juni 2026 | Bijgewerkt 11 juli 2026
hoger pensioen bedrag ineens
Beeld Getty Images

Wie met pensioen gaat, krijgt vanaf 2029 de mogelijkheid om bij de start van het pensioen maximaal 10 procent van het pensioenvermogen in één keer op te nemen. Wie nu al méér pensioen wil vanaf de start, hoeft daar niet op te wachten. Er bestaan al interessante regelingen om het startpensioen te verhogen. We leggen in dit artikel uit, hoe dat werkt.

Er is nu veel aandacht voor het zogenoemde bedrag ineens: de mogelijkheid om bij pensionering eenmalig maximaal 10 procent van het aanvullende pensioen op te nemen. De Eerste Kamer stemde daar op 16 juni 2026 mee in. Volgens de Rijksoverheid kan deze keuze vanaf 1 januari 2029 worden gemaakt. Het gaat om een keuzerecht: niemand is verplicht om een bedrag ineens op te nemen.

Doe mee met de AOW-Quiz en maak kans op 1 maand AOW. Netto!

Maar een bedrag ineens is iets anders dan een hoger maandpensioen. Wie een bedrag ineens opneemt, krijgt meteen geld op de rekening, maar houdt daarna levenslang een lager maandpensioen over en er zitten nog meer nadelen aan het bedrag ineens, die leggen we uit in dit artikel.

Hoog-laag pensioen

Maar je kan nu al gebruik maken van een hoog-laag pensioen. Bij een hoog-laagpensioen kies je ervoor om in de eerste jaren na pensionering een hoger ouderdomspensioen te ontvangen. Daarna daalt het pensioen en blijft het lager voor de rest van je leven. Het kan ook andersom: eerst lager en later hoger. Maar in de praktijk is vooral de variant “eerst hoog, later laag” populair. In de meeste gevallen worden de mogelijkheden om het geld uit te geven minder naarmate je ouder wordt. En een lager pensioen kan er ook voor zorgen dat de eigen bijdrage voor het verpleeghuis later iets lager uitpakt.

Voorwaarden hoog-laag pensioen

Een hoog-laagpensioen is geen gratis verhoging, want je haalt als het ware inkomen naar voren. Je krijgt dus niet meer geld, maar de totale pensioenpot wordt anders verdeeld over de jaren. Daarbij geldt een wettelijke bandbreedte: het lage pensioen mag niet lager zijn dan 75 procent van het hoge pensioen.

Een voorbeeld: krijgt je in de hoge periode 1200 euro bruto per maand, dan mag de lage periode niet onder 900 euro bruto per maand zakken. De precieze bedragen en voorwaarden hangen af van de pensioenregeling, leeftijd, pensioendatum en de keuzes die de pensioenuitvoerder aanbiedt. 

Geïnteresseerd in de mogelijkheden voor een hoog-laag pensioen? Informeer dan bij het pensioenfonds (of fondsen) waar je pensioen hebt opgebouwd. Voordat je een keuze maakt, is het verstandig om ook te kijken naar andere regelingen zoals toeslagen. Als het inkomen te hoog is, heb je daar geen recht meer op. Als je kiest voor hoog-laag pensioen, kies dan de verhouding die het voordeligst uitpakt. 
De mogelijkheid geldt dus niet voor de AOW: het staatspensioen dat de Sociale Verzekeringsbank uitkeert. 
En ook goed om te weten: je kunt een hoog-laag pensioen straks niet combineren met een bedrag ineens.

Optie 2 voor meer pensioen: uitruilen partnerpensioen

Je kunt ook nu al een hoger pensioen krijgen, door het uitruilen van partnerpensioen. Ook dat kan alleen bij de start van het pensioen. Partnerpensioen is het pensioen dat je partner ontvangt als je overlijdt. Door een deel van dat partnerpensioen op te geven, kan het eigen ouderdomspensioen hoger worden. De keerzijde is natuurlijk dat de partner die achterblijft, (veel) minder partnerpensioen krijgt. Deze keuze kan logisch zijn als je geen partner meer hebt, als de partner zelf een goed pensioen heeft, of als er een andere ruime buffer is waar degene die achterblijft op terug kan vallen. Soms kiezen mensen ook voor lager partnerpensioen als de partner bij aanvang van het pensioen al ernstig ziek is.

Voor stellen waarbij één partner financieel afhankelijk is van de ander, kan uitruil riskant zijn. Dan levert de keuze weliswaar nu meer pensioen op, maar kan de achterblijvende partner later te weinig inkomen overhouden. Daarom is toestemming van de partner belangrijk, die moet de gevolgen daarvan goed overzien en er mee akkoord gaan. Meer weten over de uitruil van partnerpensioen? Informeer dan bij de eigen pensioenfondsen. 
De regeling geldt alleen voor aanvullende pensioenen en niet voor de AOW.

Meer alternatieven voor een hoger pensioen

Er zijn nog meer opties voor een hoger pensioen. Natuurlijk is langer doorwerken en het pensioen later laten ingaan. Deeltijdpensioen kan ook helpen: je ontvangt dan alvast een deel pensioen, maar blijft voor een deel werken en soms ook pensioen opbouwen. Wie vóór de AOW-leeftijd stopt, kan bij sommige pensioenuitvoerders kiezen voor een tijdelijke AOW-overbrugging. En wie nog niet met pensioen is, kan onderzoeken of extra pensioenopbouw via lijfrente of banksparen mogelijk is. Dat is fiscaal aantrekkelijk, maar die ruimte moet er dan wel zijn.

Doe mee met de AOW-Quiz en maak kans op 1 maand AOW. Netto!

Goed om te weten

Pensioenkeuzes rond de ingangsdatum zijn vaak ingrijpend. Wie eenmaal heeft gekozen, kan later meestal niet meer zomaar terug. Dat maakt het belangrijk om niet alleen naar het bruto maandbedrag te kijken, maar naar het hele financiële plaatje.  Mijnpensioenoverzicht.nl geeft een goede eerste indruk. 

Vraag bij het pensioenfonds of verzekeraar om berekeningen van verschillende scenario’s: standaardpensioen, hoog-laagpensioen, uitruil van partnerpensioen en eventueel eerder of later met pensioen gaan. Kijk daarbij naar netto bedragen, niet alleen naar bruto bedragen. Neem ook AOW, spaargeld, hypotheeklasten, toeslagen en het inkomen van de partner mee.

Meer pensioen per maand betekent bijna altijd dat u ergens anders iets inlevert: later stoppen, meer risico nemen, minder partnerpensioen, minder pensioen op latere leeftijd of nu extra geld opzijzetten. Het is geen truc om meer geld te krijgen, maar het kan helpen om het geld beter te verdelen over verschillende fases in het leven.