Nadat ik alleen kwam te staan, kon ik het huis van mijn moeder kopen. Toen ik later mijn tweede man ontmoette, heb ik het met winst verkocht. Nu vindt mijn broer dat ik die winst met hem had moeten delen. Ik heb daar geen seconde bij stilgestaan. Heeft hij gelijk?
Uw broer heeft noch juridisch, noch moreel recht op de winst van het huis dat u van uw moeder kocht. Hoe zou hij hebben gereageerd als het huis minder waard was geworden? Was dat risico ook voor u geweest en niet voor uw broer.
Ik begrijp wel waar de gedachte vandaan komt. In veel families wordt het ouderlijk huis, zeker tegenwoordig, als een soort gemeenschappelijk erfbezit gezien. Het vertegenwoordigt vaak een grote waarde, zeker als het grotendeels is afgelost. Het gaat om vele honderdduizenden euro’s.
Maar u heeft het huis gewoon bij leven van uw moeder gekocht. Dan is het geen erfbezit meer. Uw moeder heeft de opbrengst van het huis van u ontvangen. Daarna was het huis van u, met alle risico’s en eventuele voordelen die daarbij horen.
Bij het overlijden van uw moeder heeft uw broer waarschijnlijk toch een deel van de opbrengst van het huis teruggezien. Dat zat in zijn deel van de erfenis.
U hoeft de winst die u maakte niet met hem te delen.