Muggen zijn een minpuntje van de zomer, en dat geldt zéker voor de exotische soorten die hun weg naar ons land hebben gevonden. Zij kunnen namelijk virussen bij zich dragen.
In Nederland komen naar schatting dertig tot veertig muggensoorten voor. De meeste daarvan steken niet. Wanneer je toch wordt gestoken door een inheemse huissteekmug, is er vaak weinig aan de hand. Over het algemeen krijg je enkele jeukende rode bulten die binnen een paar dagen weer weg zijn. Heb je er meer last van, dan kan koelen helpen om de klachten te verminderen.
Een enkele keer bevindt zich tussen die inheemse muggen echter een exemplaar dat elders besmet is geraakt met een ziekteverwekker. Bij een volgende steek kan deze mug een virus of parasiet overdragen.
Doorvliegers
“Zo werd in 2020 het westnijlvirus voor het eerst in Nederland bij mensen vastgesteld. Acht personen raakten besmet”, vertelt Ronald van Rij, hoogleraar Experimentele Virologie in het Radboudumc in Nijmegen. Dit virus komt voor bij vogels en wordt overgebracht door muggen. Bij mensen is bekend dat 80 procent geen klachten ontwikkeld na een infectie. De resterende 20 procent krijgt bijvoorbeeld koorts, hoofdpijn, spierpijn en diarree.
Héél soms wordt iemand ernstig ziek en krijgt hersenontsteking of hersenvliesontsteking. Een enkeling kan hieraan overlijden. “Er zijn de afgelopen zes jaar geen ziektegevallen gemeld in Nederland. Wel was er in 2025 een opleving en werden er virussen gevonden in enkele huissteekmuggen en paarden. Maar vooralsnog zien we dat het westnijlvirus in Nederland geen groot probleem is. In zuidelijk Europa worden veel meer gevallen gemeld.”
Daar komen dan ook meer exotische muggensoorten voor. Zij leefden oorspronkelijk alleen in bijvoorbeeld Azië, maar hebben de weg gevonden naar andere continenten. Veel van die doorvliegers – met de Aziatische tijgermug als bekendste soort – hebben zich niet alleen in landen als Turkije, Italië en Spanje gevestigd, maar inmiddels ook in Frankrijk, delen van Duitsland en België.
Tropische ziekten
In Nederland is het nog niet zo ver, al wordt de tijgermug hier sinds 2005 gespot. Inmiddels is hij in alle provincies waargenomen, met uitzondering van Friesland en Groningen. In een recent artikel in de Volkskrant spreekt muggenziektespecialist Chantal Reusken de verwachting uit dat de tijgermug zich ook hier zal vestigen. “Dat begint klein, op een paar locaties. Daarna verwachten we dat het zich opbouwt naar steeds meer plekken.”
Hoe langer mugen op een plek verblijven, hoe groter het risico dat ze ziekten verspreiden zoals knokkelkoorts (dengue) en chikungunya. Deze komen in Nederland tot nu toe alleen voor bij mensen die ze in een tropisch gebied hebben opgelopen. Een greep uit de klachten: hoge koorts, hevige hoofdpijn, gewrichtspijnen en huiduitslag. Van Rij: “Gelukkig wordt slechts een klein aantal mensen ernstig ziek na de steek van een besmette mug.”
Meeliften
De reis naar het noorden maken tijgermuggen (maar ook hun eitjes en larven) vaak doordat ze onbedoeld meeliften in vrachtwagens, auto’s en caravans. Ook verspreiden ze zich via bamboe kamerplantjes en gebruikte en geïmporteerde autobanden. De eitjes blijken het transport goed te overleven, zelfs in droge of koude periodes. Wanneer ze daarna in contact komen met water, komen ze alsnog uit.
Wereldwijd wordt de opmars van de tijgermug nauwlettend in de gaten gehouden. Van Rij: “Als je inzoomt op Nederland, is er nog geen bewijs dat het beestje hier overwintert of zich voortplant. Dat willen we voorkomen. Lastig is dat wel, want het wordt hier steeds vroeger in het jaar warm, en dat blijft het tot steeds later in het jaar. Dat zijn fijne omstandigheden voor tijgermuggen.”
In zuidelijk Europa is het niet gelukt de vestiging van invasieve muggen zoals de tijgermug te vermijden. “Het oprukkende warme klimaat, daar doe je niet een-twee-drie iets tegen. Daarom richten overheden daar zich niet meer uitsluitend tegen de verspreiding, ze onderzoeken ook mogelijkheden om de virussen die deze beestje overbrengen te bestrijden met vaccins.”
Op de foto
In Nederland probeert de overheid de vestiging van tijgermuggen tegen te houden, of in elk geval te vertragen. De Nederlandse Voedsel- en Waren-autoriteit (NVWA) houdt in de gaten of en waar ze voorkomen. Mensen die denken een tijgermug te hebben gezien, wordt geadviseerd die te vangen of dood te slaan, te bewaren in een droog potje en er enkele foto’s van te maken tegen een neutrale achtergrond. Zorg dat de kenmerkende streep op de rug (zie alinea onderaan ‘Zo herken je de tijgermug’) goed zichtbaar is en geef de vangst door via nvwa.nl. Hier wordt de melding bestudeerd door een expert.
Gaat het inderdaad om een tijgermug, dan zullen inspecteurs een bezoek brengen aan het gebied. Je kunt ze rond zien wandelen in speciale gele hesjes. In woonwijken bellen ze aan bij woningen, waar hun bezoek altijd eerst via een brief is aangekondigd. Ze controleren de omgeving en geven tips om voortplanting van de mug te voorkomen.
In tuinen zijn muggen dol op stilstaand water in vijvers, maar ook in plantenschotels, gieters, vazen, emmers, speelgoed en parasolvoeten. Daar leggen ze eitjes in, tot wel honderd per keer. De larven die eruit komen, hebben minstens tien dagen nodig om zich tot een volwassen mug te ontwikkelen. Van Rij: “Laat dit water daarom nooit langer dan een week staan, gooi het geregeld weg. Maak genoemde plekken ook goed schoon en keer ze om zodat ze geen regen opvangen wanneer je weet dat je langere tijd niet thuis bent.”
Andere maatregelen die de NVWA neemt om te voorkomen dat tijgermuggen zich verspreiden:
- het gebruik van een bestrijdingsmiddel dat enkel en alleen muggenlarven doodt
- het bestrijden van volwassen muggen met insecticiden.
- het plaatsen van muggenvallen na een vondst.
- In de periode hierna wordt een eventuele verspreiding nauwlettend in de gaten gehouden.
Anti-prik
Wil je het risico om door welke mug dan ook gestoken te worden minimaliseren? Draag dan bedekkende kleding, gebruik horrengaas voor open ramen en deuren en spuit of smeer een middel dat DEET bevat op je lichaam. Dit maskeert de lichaamsgeur waarnaar elke hongerige mug op zoek is. Dit alles maakt de kans op een doorwaakte nacht een stuk kleiner.
Zo herken je de tijgermug
Een tijgermug is kleiner dan een gewone inheemse mug, die ongeveer het formaat heeft van een muntje van 10 cent. Kenmerkend is een wit lengtestreepje op de zwarte rug. De achterpootjes zijn zwart-wit geblokt en eindigen wit. Verder valt op dat ze géén vlekjes in de vleugels hebben, iets wat veel andere muggen wel hebben. Terwijl inheemse muggen vooral in de schemering en ’s nachts zoemen en steken, doen tijgermuggen dit meestal juist overdag.
Prof. Ronald van Rij studeerde af op virologie en is gepromoveerd op hiv- en aidsonderzoek. Door onderzoek in het buitenland ontdekte hij de wisselwerking tussen insecten en virussen. Sinds 2008 houdt hij zich in het Radboudumc in Nijmegen bezig met muggen die virussen overbrengen. In 2019 werd hij benoemd tot hoogleraar Experimentele Virologie.