Kreeg je in 2025 geen zorgtoeslag of huurtoeslag, terwijl je daar misschien wel recht op had? Dan bent je nog niet te laat, want dit jaar krijg je vier maanden extra de tijd om toeslagen aan te vragen. Net met pensioen? Let dan goed op!
Veel mensen denken dat toeslagen over het voorgaande jaar uiterlijk op 1 september moeten zijn aangevraagd. Sinds 2026 geldt een langere aanvraagtermijn: dat kan tot en met 31 december. Dus voor 2025 heb je nu (2026) tot 31 december om de toeslagen aan te vragen.
De langere termijn is handig als je pas in de loop van 2026 precies weet hoeveel je in 2025 hebt verdiend. Veel mensen ontvangen in de zomer hun definitieve aanslag inkomstenbelasting over 2025. Daarop staat het definitieve verzamelinkomen, dat kan je gebruiken bij het controleren van je recht op toeslagen.
Direct controleren
De snelste manier om het recht op toeslagen te controleren, is met een proefberekening voor 2025. Blijkt daaruit dat je waarschijnlijk recht hebt op een toeslag? Log dan in bij Mijn toeslagen om de aanvraag te doen.
Welke toeslagen kan je achteraf aanvragen?
| Toeslag | Nog aan te vragen over 2025? | Uiterste datum |
|---|---|---|
| Zorgtoeslag | Ja | 31 december 2026 |
| Huurtoeslag | Ja | 31 december 2026 |
| Kindgebonden budget | Ja | 31 december 2026 |
| Kinderopvangtoeslag | Beperkt met terugwerkende kracht | Zo snel mogelijk aanvragen |
Voor kinderopvangtoeslag gelden andere regels. Deze toeslag kan normaal gesproken slechts over een beperkt aantal maanden met terugwerkende kracht worden aangevraagd. Wacht daarmee dus niet tot het einde van het volgende kalenderjaar.
AOW? Let dan extra goed op
Een deel van de mensen die recht hebben op een toeslag, vraagt deze niet aan. Dat komt onder meer doordat zij niet weten dat zij ervoor in aanmerking komen of doordat hun financiële situatie is veranderd. Vooral rond de eerste AOW-jaren kan het toetsingsinkomen anders uitvallen dan verwacht. In één kalenderjaar krijg je dan bijvoorbeeld loon, vakantiegeld, AOW, aanvullend pensioen en een lijfrente-uitkering. In het daaropvolgende kalenderjaar bestaat het inkomen mogelijk alleen uit AOW en aanvullend pensioen.
Controleer daarom toeslagen opnieuw na bijvoorbeeld:
- het bereiken van de AOW-leeftijd;
- stoppen of minder gaan werken;
- bijverdienen naast AOW of pensioen;
- het overlijden van een partner;
- trouwen, scheiden of gaan samenwonen;
- een verhuizing of verandering van de huurprijs, bijvoorbeeld per 1 juli.
- een verandering in het inkomen van de partner;
- het inwonen of vertrekken van een medebewoner;
- een verandering van het spaargeld of andere bezittingen, bijvoorbeeld na een erfenis.
Volgens eerder onderzoek naar het niet gebruiken van toeslagen laat ongeveer één op de tien rechthebbenden geld liggen. Bij oudere huishoudens komt niet-gebruik relatief vaak voor. Een proefberekening kost weinig tijd en kan daarom de moeite waard zijn.
Zo vraag je toeslag over 2025 aan
Stap 1: verzamel gegevens over 2025
Denk aan:
- definitieve aanslag inkomstenbelasting 2025;
- jaaropgaven van werkgever, pensioenfonds en de SVB;
- gegevens over lijfrentes, bijverdiensten of zelfstandig werk;
- het inkomen van de toeslagpartner;
- spaargeld en overige vermogen op 1 januari 2025;
- voor huurtoeslag: huurprijs en woonsituatie in 2025;
- voor huurtoeslag: gegevens over eventuele medebewoners.
Stap 2: maak een proefberekening voor 2025
Open de officiële proefberekening van Dienst Toeslagen en selecteer nadrukkelijk het jaar 2025.
Vul uw situatie in zoals die in 2025 werkelijk was. Gebruik dus niet automatisch het huidige inkomen, huur of vermogen: de situatie in 2026 kan anders zijn.
Een proefberekening is nog geen definitieve beslissing. De berekening geeft wel een goede eerste indruk van het bedrag dat je ongeveer kunt ontvangen.
Stap 3: dien de aanvraag in via Mijn toeslagen
Blijkt uit de proefberekening dat je waarschijnlijk recht hebt op een toeslag? Log dan met uw DigiD in bij Mijn toeslagen en dien de aanvraag voor 2025 in.
Hebt je nog geen DigiD of werkt uw DigiD niet meer? Bekijk dan deze uitleg Zo vraagt je een DigiD aan.
Stap 4: controleer meteen gegevens voor 2026
Een aanvraag over 2025 kan ook leiden tot een lopende toeslag voor 2026. Controleer daarom na de aanvraag meteen of de gegevens voor 2026 nog kloppen. Let vooral op:
- geschatte jaarinkomen over 2026;
- het inkomen van uw toeslagpartner;
- de ingangsdatum van AOW of pensioen;
- inkomsten uit werk naast AOW;
- kale huurprijs;
- toeslagpartner en medebewoners;
- vermogen op 1 januari 2026.
Wijzigingen kan je doorgeven via Mijn toeslagen of via de app Toeslagen. Door veranderingen snel door te geven, verklein je de kans dat je later toeslag moet terugbetalen.
Wanneer wordt de toeslag over 2025 uitbetaald?
Een toeslag die je achteraf over 2025 aanvraagt, wordt na de berekening meestal in één bedrag uitbetaald. Het gaat dus niet om twaalf afzonderlijke maandelijkse betalingen.
Dienst Toeslagen gebruikt voor het afgesloten jaar de gegevens die inmiddels bekend zijn over het inkomen, vermogen en huishouden. Daardoor kan de berekening nauwkeuriger zijn dan bij een lopend voorschot, dat is gebaseerd op een schatting.
De betaling volgt niet altijd direct na de aanvraag. Dienst Toeslagen kan eerst inkomensgegevens controleren of aanvullende informatie nodig hebben. Hou daarom rekening met meerdere weken.
Belangrijke voorwaarden voor het recht op toeslagen: inkomen en vermogen
Inkomensgrenzen zorgtoeslag in 2025 en 2026
| Zorgtoeslag | 2025 | 2026 |
|---|---|---|
| Maximaal inkomen zonder toeslagpartner | € 39.719 | € 40.857 |
| Maximaal gezamenlijk inkomen met toeslagpartner | € 50.206 | € 51.142 |
| Maximale zorgtoeslag voor een alleenstaande | € 1.573 per jaar | € 1.550 per jaar |
| Maximale zorgtoeslag met toeslagpartner, samen | € 3.010 per jaar | € 2.963 per jaar |
| Maximaal vermogen zonder toeslagpartner | € 141.896 | € 146.011 |
| Maximaal gezamenlijk vermogen met toeslagpartner | € 179.429 | € 184.633 |
Voor de vermogenstoets kijkt Dienst Toeslagen naar het vermogen op 1 januari van het toeslagjaar. Voor zorgtoeslag over 2025 is dus uw vermogen op 1 januari 2025 bepalend.
De maximale zorgtoeslag is niet het bedrag dat iedereen automatisch ontvangt. De toeslag wordt lager naarmate het toetsingsinkomen hoger wordt.
Huurtoeslag in 2025 en 2026
Bij een aanvraag over 2025 gelden de huurtoeslagregels van 2025. Die verschillen op belangrijke punten van de regels in 2026.
| Huurtoeslag | 2025 | 2026 |
|---|---|---|
| Maximale huur als toegangsvoorwaarde | € 900,07 vanaf 23 jaar | Geen maximale huur als toegangsvoorwaarde |
| Lagere grens voor jongeren | € 477,20 onder 23 jaar | € 498,20 als alle bewoners 18, 19 of 20 jaar zijn |
| Maximale huur waarover de toeslag wordt berekend | € 900,07 | € 932,93 |
| Servicekosten | Sommige servicekosten konden meetellen | Alleen de kale huur telt |
| Maximaal vermogen zonder toeslagpartner | € 37.395 | € 38.479 |
| Maximaal gezamenlijk vermogen met toeslagpartner | € 74.790 | € 76.958 |
Voor huurtoeslag bestaat geen eenvoudige inkomensgrens die voor iedereen gelijk is. Wel spelen mee:
- toetsingsinkomen;
- de huurprijs;
- leeftijd;
- het aantal bewoners;
- het inkomen van partner en medebewoners;
- het vermogen van de betrokken bewoners.
Maak daarom altijd een proefberekening.
Huur boven € 932,93 kan in 2026 toch recht geven
Sinds 1 januari 2026 is een huur boven € 932,93 niet langer automatisch een reden om huurtoeslag af te wijzen. Ook sommige huurders in de middenhuur of vrije sector kunnen daardoor recht hebben op huurtoeslag. Voor 2025 was deze grens zelfs nog iets lager, waardoor meer huurders recht kregen op huurtoeslag. Die toeslag kunnen huurders dus dit jaar nog tot 31 december aanvragen.
Lees ook Laat geen huurtoeslag liggen: controleer of u er recht op hebt.
Wat is het toetsingsinkomen voor toeslagen?
Dienst Toeslagen gebruikt niet netto maandinkomen, maar het toetsingsinkomen. Dit is meestal gebaseerd op het verzamelinkomen voor de inkomstenbelasting.
Onder meer de volgende inkomsten kunnen meetellen:
- loon en vakantiegeld;
- AOW;
- aanvullend pensioen;
- lijfrente-uitkeringen;
- inkomsten uit werk naast het pensioen;
- inkomsten uit zelfstandig werk;
- bepaalde vormen van alimentatie.
Sommige aftrekposten kunnen het toetsingsinkomen verlagen. Denk aan betaalde partneralimentatie, bepaalde zorgkosten of aftrekbare giften.
Gebruik bij twijfel de officiële rekenhulp voor het toetsingsinkomen van de Belastingdienst
Hoeveel vermogen mag ik hebben voor huur- en zorgtoeslag?
Voor zorgtoeslag, huurtoeslag en kindgebonden budget geldt een vermogenstoets. Daarbij kijkt Dienst Toeslagen naar uw vermogen op 1 januari van het toeslagjaar.
Voorbeelden van vermogen dat doorgaans meetelt zijn:
- spaargeld;
- aandelen en andere beleggingen;
- cryptovaluta;
- een tweede woning;
- een vakantiehuis;
- bepaalde vorderingen;
- vermogen van minderjarige kinderen.
Voor banksparen en smartengeld gelden andere regels.
De woning waarin je zelf woont en de auto tellen normaal gesproken niet mee als vermogen voor de toeslagen.
Heb je op 1 januari te veel vermogen voor huurtoeslag, dan hebt je gedurende dat hele kalenderjaar geen recht op huurtoeslag. Dat verandert niet als je later in het jaar spaargeld uitgeeft.
Wie biedt hulp bij het aanvragen van toeslagen?
Gratis hulp is onder meer beschikbaar via:
- Dienst Toeslagen via telefoonnummer 0800 – 0543;
- een toeslagenservicepunt;
- een bibliotheek, sociaal raadslid of buurtteam. Informeer daar vooraf naar de mogelijkheden. Vaak zijn er spreekuren.