Marnix Jurriëns (57) dacht dat plasklachten bij de leeftijd hoorden. Een simpele test liet echter zien dat er veel Prostaat Specifiek Antigeen (PSA) in zijn bloed zat. Hij bleek inderdaad prostaatkanker te hebben.
“Drie jaar geleden liet ik voor het eerst mijn PSA controleren. Dat deed ik op aanraden van mijn vader, die heeft prostaatklachten gehad. Ik had wel plasklachten, maar dacht dat het bij de leeftijd hoorde. De uroloog vond mijn PSA daarvoor te hoog, dus ik kreeg pillen om de prostaat rustig te houden. De PSA bleef echter stijgen. Een eerste punctie gaf niets aan. Maar uit een punctie met echogestuurde precisie in een ander ziekenhuis bleek dat ik prostaatkanker had.
Ik was er niet van ondersteboven, want alles werd me rooskleurig voorgespiegeld: een tumor binnen de prostaat, ik zou na de operatie geen plasklachten hebben en er was maar een klein risico op impotentie. Helaas bleek na de operatie dat mijn kanker agressiever was, het zat al in de zaadblaasjes. Ook waren de snijranden niet schoon, wat betekende dat ze het niet volledig hadden kunnen weghalen. Ik heb het daar drie dagen moeilijk mee gehad, maar op een gegeven moment dacht ik: ik kan hierin blijven hangen of ik kan proberen positief te zijn. Ik koos voor het laatste.
Ik zie het niet als pech, ik heb geluk gehad dat ik er op tijd bij was
Elke vier maanden word ik gecontroleerd. Mijn PSA blijft laag, dat geeft hoop. Het was een klap dat ik weliswaar niet impotent was na de operatie, maar wel incontinent. In het begin verloor ik 300 cc urine per dag. Nu rond de 70 cc, maar het blijft vervelend en herinnert me meerdere malen per dag aan de kanker. Dat maakt het lastig om rust en vertrouwen te behouden. Ik overweeg een kunstmatige sluitspier, de kans is groot dat die de incontinentie verhelpt.
Mijn vrouw en ik zijn 41 jaar bij elkaar, zij steunt me in alles en we kunnen overal over praten. Maar ik merk dat als ik het te veel over mijn ziekte heb, ik haar daarmee belast. Dat probeer ik dus te doseren. Wat enorm helpt, is lotgenotencontact. In die groep kan ik mezelf zijn, de andere mannen begrijpen het en stellen de juiste vragen. Die herkenning is fijn.
Sinds de verwijdering van mijn prostaat ben ik emotioneel kwetsbaarder, maar ik probeer toch positief te blijven. Ik zie mijn kanker niet als pech, ik heb het geluk gehad dat ik er op tijd bij was.”
Dit artikel verscheen eerder in Plus Gezond september 2026. Abonnee worden van het blad? Dat doe je in een handomdraai.