Van lotions tot haartransplantaties: wat helpt écht tegen haarverlies?

Wat werkt wel tegen haarverlies en wat kun je beter laten?
Gepubliceerd 11 oktober 2026
50-plus vrouw met hand in haar
Beeld Getty Images

Kaal worden hoort er voor veel mensen gewoon bij. Wie dat heel vervelend vindt, kan een lotion of een pilletje proberen of een haarwerk nemen. En dan is er nog de haartransplantatie.

Wil je iets doen tegen  het verlies van haar, dan moet je eerst weten om welke vorm het gaat, zegt dermatoloog Tristan van Dongen van het Spaarne Gasthuis. “De meest voorkomende is erfelijk haarverlies. Bij mannen heet dat androgenetische alopecia en bij vrouwen noemen we het female pattern hair loss. Bij mannen kun je grofweg zeggen: 20 procent heeft er op zijn 20ste last van, 50 procent op zijn 50ste en 80 procent op zijn 80ste.”

Zo verloopt het bij mannen

Bij erfelijke kaalheid reageren de haarzakjes boven op het hoofd op mannelijke hormonen. Die gevoeligheid ontstaat volgens Van Dongen geleidelijk. “Precies in het gebied waar een man uiteindelijk kaal kan worden, zit onder de huid een brede peesplaat. Daar hechten de schedelspieren aan vast. We spannen die spieren de hele dag onbewust aan, waardoor de peesplaat steeds strakker gaat staan. Daardoor neemt de doorbloeding af én komt er meer druk op de haarzakjes. Mannelijke hormonen stimuleren normaliter de haargroei. Maar bij meer druk op de haarzakjes krijgt dat mannelijke hormoon een tegengestelde werking, waardoor uiteindelijk haarverlies optreedt.”

Zo gaat het bij vrouwen

Bij vrouwen verloopt erfelijk haarverlies anders. Het haar wordt meestal over een groter gebied dunner en het haarverlies neemt vooral na de overgang toe. Ongeveer de helft van de vrouwen krijgt er na de menopauze mee te maken. “Bij vrouwen is er een enzym dat ervoor zorgt dat een voorloperhormoon wordt omgezet in oestrogeen, het vrouwelijke hormoon dat haargroei beschermt. Dat enzym gaat rond de menopauze minder goed werken. Daardoor blijft meer van dat voorloperhormoon over en dat wordt makkelijker omgezet in testosteron, of eigenlijk in dihydrotestosteron (DHT), de vorm die het haarverlies veroorzaakt.”

Andere oorzaken dan erfelijkheid

Naast erfelijke factoren ontstaat haarverlies bij mannen en vrouwen ook door andere oorzaken. Zo kunnen een ijzertekort, schildklierziekten, een grote operatie of ernstige ziekte de normale haargroeicyclus verstoren, waardoor  soms pas maanden later veel haren tegelijk uitvallen. Ook auto-immuunziekten, zoals alopecia areata, veroorzaken haarverlies doordat het afweersysteem de haarzakjes aanvalt. Bij vrouwen kunnen daarnaast hormonale aandoeningen een rol spelen.

Smeren en slikken

Minoxidil stimuleert de haarzakjes en is er als lotion, schuim en tablet. Smeren geeft minder kans op bijwerkingen, maar werkt niet bij iedereen. “Een derde ervaart teruggroei, bij een derde stabiliseert het haarverlies een beetje en een derde heeft er eigenlijk helemaal niets aan.” In dat laatste geval werken tabletten soms wel.

Finasteride remt de vorming van DHT dat erfelijk haarverlies stimuleert. Mannen gebruiken het als tablet of lotion. “De lotion is net zo effectief en je hebt een veel kleinere kans op bijwerkingen.” Voor vrouwen adviseren Nederlandse artsen geen tabletten vanwege een theoretisch verhoogd risico op borstkanker. “Dat is overigens nooit bewezen. Het is sterk de vraag of dat zo is.” Lotion is wel mogelijk. Minoxidil en finasteride zijn ook verkrijgbaar in één lotion: “De combinatie is effectiever dan één van de twee alleen.”

Shampoos en supplementen hebben weinig zin

Van cafeïneshampoo hoef je bij erfelijke kaalheid geen teruggroei te verwachten, zegt Van Dongen. Supplementen slikken heeft weinig zin als je niet weet of je een tekort hebt. Zaagbladpalmolie en pompoenpitolie hebben wel enig effect. “Die hebben in milde mate een vergelijkbaar effect als finasteride, maar zijn wel véél minder krachtig. Onderzoeken laten zien dat het een klein beetje effectief kan zijn.”

Oplossing uit eigen bloed?

Bij PRP (Platelet Rich Plasma) worden geconcentreerde bloedplaatjes uit het eigen bloed in de hoofdhuid geïnjecteerd om de omgeving van de haarzakjes te verbeteren. Van Dongen vindt het relatief duur voor het resultaat, al ziet hij er voorafgaand aan een haartransplantatie wel de zin van in. “Dan breng je als het ware de bodem in betere conditie en doe je daar een transplantatie overheen.”

Microneedling maakt kleine gaatjes in de hoofdhuid en stimuleert zo onder meer de doorbloeding en activatie van gunstige stamcellen. Van Dongen adviseert dit hoogstens één keer per week te doen: “De ontsteking die eerst ontstaat, is nadelig voor de haargroei. De processen daarna zijn juist gunstig. Doe je het elke dag, dan werk je de boel slechts tegen.” Op zichzelf levert microneedling volgens Van Dongen geen grote resultaten op, maar bij erfelijk haarverlies draagt het wel iets bij.

Haartransplantatie

Bij een haartransplantatie verplaatst de arts haarzakjes uit een donorgebied naar de kalende plekken. Dat vraagt wel om voldoende gezond donorhaar. Mannen houden bij erfelijke kaalheid meestal een haarkrans aan de achter- en zijkanten van het hoofd. Daar haalt de arts de haarzakjes vandaan. “Vrouwen komen wat minder snel in aanmerking voor haartransplantatie. Bij hen loopt het haarverlies vaak verder naar achteren door. Het donorgebied is daardoor relatief smal en klein. Er zijn zeker vrouwen die ervoor in aanmerking komen, maar een kleiner percentage dan bij mannen.”

Onderhoud je nieuwe haar

Een transplantatie stopt het erfelijke haarverlies niet. Weliswaar blijven de getransplanteerde haren staan, maar de oorspronkelijke haren ertussen kunnen verder uitvallen. Daarom adviseert Van Dongen na de ingreep medicatie om het oorspronkelijke haar te behouden. “Ik zeg weleens tegen patiënten: je legt ook geen dure grasmat in je tuin om er vervolgens niet meer naar om te kijken. Als je voor een haartransplantatie behoorlijk wat geld neerlegt, zou ik het erna goed onderhouden.”

Zo vallen kale plekken minder op

Voor bestaande kale plekken bestaan verschillende manieren om ze minder zichtbaar te maken. Bij microhaarpigmentatie brengt een behandelaar pigmentpuntjes op de hoofdhuid aan. Op een kaalgeschoren hoofd lijken ze op stoppeltjes. “Als je de hoofdhuid iets donkerder maakt en van nature donker haar hebt, geeft dat de indruk van minder doorkijk.” Verder zijn er hoofdhuidmake-up en haarvezels. “Dat zijn geladen haarvezels die zich aan de bestaande haren binden en daardoor een vollere indruk geven.” Ook een haarwerk is mogelijk. Daarvoor bestaat in sommige gevallen een vergoeding.

Dermatoloog Tristan van Dongen (Spaarne Gasthuis) is expert haar- en nagelziekten. Eerder zette hij in het Erasmus MC een speciale haarpoli op.

Dit artikel verscheen eerder in Plus Magazine oktober 2026. Abonnee worden van het blad? Dat doe je in een handomdraai.

Bron Plus Magazine