De erfbelasting staat bekend als een van de meest gehate belastingen. Toch blijkt die afkeer minder groot dan vaak wordt gedacht. Uit nieuw onderzoek van het Centraal Planbureau blijkt dat slechts een kleine minderheid van de Nederlanders de erfbelasting wil afschaffen.
Het artikel gaat verder onder de video.
Meer dan de helft vindt juist dat erfenissen zwaarder mogen worden belast dan nu gebeurt. Dat meldt het FD. Opvallend is vooral de steun voor een oplopend tarief: hoe groter de nalatenschap, hoe hoger het belastingpercentage. Volgens het CPB onderzoek vinden Nederlanders gemiddeld een tarief van 4 procent passend bij een erfenis van 10.000 euro, 11 procent bij 100.000 euro en 25 procent bij een nalatenschap van 1 miljoen euro. Dat betekent een grote verandering ten opzichte van een onderzoek van Plus Magazine uit 2009. Toen werd de erfbelasting nog genoemd als de meest gehate belasting.
Daarmee liggen de gewenste tarieven voor grote erfenissen in veel gevallen hoger dan de huidige tarieven. Zeker onder 60-plussers is de steun voor hogere tarieven relatief groot. Bij 80-plussers ligt het gemiddeld gewenste tarief voor een nalatenschap van 1 miljoen euro zelfs boven de 40 procent.
Onder het huidige stelsel betalen de meeste nabestaanden geen erfbelasting: zo’n 65 procent hoeft geen aangifte te doen omdat de erfenis onder de vrijstellingsgrenzen blijft. Partners hebben in 2026 bijvoorbeeld een vrijstelling van 828.035 euro. Voor kinderen, pleegkinderen en stiefkinderen is de vrijstelling 26.230 euro. Pas over het bedrag boven de vrijstelling wordt erfbelasting betaald.
Familieband bepaalt de erfbelasting
De huidige erfbelasting is al progressief, maar de familieband speelt een grote rol. Partners en kinderen betalen in 2026 10 procent over het eerste deel boven de vrijstelling en 20 procent over het meerdere. Kleinkinderen betalen 18 of 36 procent. Andere erfgenamen, zoals broers, zussen, neven, nichten of vrienden, betalen 30 of 40 procent.
De opbrengst van de erfbelasting is de afgelopen jaren gestegen van zo’n 1,5 miljard euro naar 2,5 miljard euro. Dat is gebeurd, zonder dat de regels ingrijpend zijn veranderd. Dat komt onder meer doordat er meer mensen overlijden en doordat nalatenschappen gemiddeld groter zijn geworden. De gestegen huizenprijzen spelen daarbij een belangrijke rol: de eigen woning vormt vaak een groot deel van de erfenis.
Volgens het CPB maakt die ontwikkeling de discussie over erf- en schenkbelasting steeds relevanter. De komende jaren zal de vermogensoverdracht tussen generaties naar verwachting verder toenemen. Daarbij gaat het niet alleen om de vraag hoeveel belasting eerlijk is, maar ook om de vraag wie vermogen opbouwt door eigen inkomen en wie vooral profiteert van een erfenis.
Voor erfgenamen blijft ondertussen vooral de praktische vraag belangrijk: moet ik aangifte doen en hoeveel belasting betaal ik? De Belastingdienst heeft daarvoor een hulpmiddel erfbelasting. Daarmee kun je een eerste inschatting maken van de erfbelasting die je nu moet betalen.