Wanneer de temperaturen hoger worden, doemen ook de berichten over smog weer op. Maar wat is dat eigenlijk, (zomer)smog? En hoe gevaarlijk is het? 5 veelgestelde vragen beantwoord.
Luchtverontreinigende stoffen worden zowel door de mens als de natuur veroorzaakt. Afhankelijk van de weersomstandigheden en chemische omzettingen kunnen deze stoffen zich ophopen in de atmosfeer en ontstaat er smog, ook wel rookmist of roetnevel genoemd.
1. Wat is smog?
De term smog is een samentrekking van de Engelse woorden smoke (rook) en fog (mist). Oorspronkelijk werd de term gebruikt voor ernstige luchtvervuiling door rook, zwaveldioxide en fijnstof, zoals die halverwege de twintigste eeuw voorkwam in grote steden. Tegenwoordig spreken we van smog als er tijdelijk verhoogde concentraties luchtvervuilende stoffen in de lucht zitten. In Nederland gaat het daarbij vooral om ozon (O3) en fijnstof (PM10).
Smog door ozon ontstaat bij ophoping van luchtvervuiling op zonnige dagen. Dit komt in het voorjaar en in de zomer voor als er weinig (veelal zuidoostelijke) wind staat. De vervuilende stoffen, zoals stikstofoxiden en vluchtige organische stoffen worden onder invloed van zonlicht omgezet in ozon. Dit wordt ook wel zomersmog genoemd. In de andere seizoenen is de kracht van de zon te klein om hoge ozonconcentraties te laten ontstaan.
2. Wat zijn de gezondheidsrisico’s van smog?
Smog kan effect op de gezondheid hebben. De risico’s zijn afhankelijk van de mate van blootstelling en de duur daarvan. Naarmate de ozonconcentraties toenemen, ondervinden mensen er hinder van. Dat is te merken aan irritatie van ogen, neus en keel, toename van luchtwegklachten zoals piepen, hoesten en kortademigheid, verergering van astma en COPD en afname van de longfunctie. Mensen met luchtwegaandoeningen, kinderen en ouderen zijn relatief vaak gevoelig voor smog. Neem bij klachten contact op met je huisarts.
3. Wat zijn de risicogroepen bij smog?
Smog door ozon kan tot gezondheidsklachten leiden, vooral bij ouderen en mensen met gevoelige luchtwegen, zoals mensen met COPD, astma of een allergie, mensen die zich langdurig inspannen of sporten in de buitenlucht en mensen die extra gevoelig zijn voor ozon en kinderen.
4. Wat te doen?
Door zich in de middag en vroege avond niet langdurig in de buitenlucht in te spannen en door binnen te blijven kun je voorkomen dat je klachten krijgt of deze verminderen. In deze uren is de concentratie van ozon namelijk het hoogst. Bij klachten die niet meteen verklaarbaar zijn, wordt geadviseerd de huisarts of de regionale GGD te raadplegen.
5. Wat kun je doen tegen smog?
Smog wordt slechts in beperkte mate veroorzaakt door lokale bronnen van luchtverontreiniging. Hierdoor hebben verkeersmaatregelen als verlaging van de snelheid geen directe verlaging van de smog tot gevolg. Vermindering van smog door ozon en fijn stof is alleen mogelijk door structurele maatregelen te nemen. Zwaveldioxide en stikstofdioxide smog komt eigenlijk alleen voor tijdens rampen en incidenten. Zelf kun je dus weinig tot niets tegen smog doen.
Informatie- en alarmdrempels
Voor verschillende luchtverontreinigende stoffen zijn informatie- en alarmdrempels vastgesteld. In de Nederlandse smogregeling staat beschreven wanneer en hoe de overheid de bevolking moet informeren als deze drempels voor ozon, fijnstof, zwaveldioxide (SO2) of stikstofdioxide (NO2) worden overschreden. Het RIVM verzorgt daarbij de smogverwachtingen en waarschuwingen via onder meer internet en media.
Bij verhoogde ozonconcentraties is het verstandig om zware lichamelijke inspanning buitenshuis, zoals intensief sporten, te beperken. De hoogste ozonconcentraties komen meestal voor aan het einde van de middag en in de vroege avond. Binnenshuis is de ozonconcentratie doorgaans lager.