Negen op de tien vindt dat fraude in de langdurige zorg harder moet worden aangepakt. Nederlanders maken zich vooral zorgen over de gevolgen voor mensen die afhankelijk zijn van deze zorg. Dat blijkt uit onderzoek van PanelWizard onder ruim 1100 Nederlanders, in opdracht van Menzis Zorgkantoor.
Driekwart van de ondervraagden (75 procent) is bezorgd of zeer bezorgd over de gevolgen van zorgfraude voor mensen die langdurige zorg nodig hebben. Evenveel mensen denken dat door fraude zorggeld niet terechtkomt bij degenen voor wie het bedoeld is. Twee derde vreest dat cliënten hierdoor niet de juiste zorg krijgen.
Bij fraude in de langdurige zorg kan bijvoorbeeld geld worden gedeclareerd voor zorg die niet of maar gedeeltelijk is geleverd. Hierdoor gaat niet alleen zorggeld verloren, maar kunnen kwetsbare mensen ook worden gedupeerd.
Meer controle vooraf
Veel Nederlanders willen daarom dat zorgaanbieders beter worden gecontroleerd voordat ze langdurige zorg mogen leveren. Zo vindt 82 procent dat zorgkantoren vooraf moeten kunnen onderzoeken of er een risico is op fraude of betrokkenheid bij criminele netwerken, vergelijkbaar met de screening die gemeenten toepassen bij aanbieders binnen de Wmo en de Jeugdwet.
Volgens René Groot Koerkamp, directeur van Menzis Zorgkantoor, wordt zorgfraude te vaak alleen als financieel probleem gezien. “De grootste slachtoffers zijn de cliënten die niet de zorg krijgen waarop zij recht hebben. Gelukkig zet de overgrote meerderheid van de zorgaanbieders zich iedere dag met hart en ziel in voor goede zorg. Maar iedere aanbieder die misbruik maakt van het systeem is er één te veel”, zegt hij.
Het zorgkantoor benadrukt dan ook dat strengere controles betrouwbare zorgaanbieders en cliënten niet onnodig in de weg moeten zitten.